|
Door : Jarno Mollema

Paspoort :
Naam : Sydney
v.d. Brande
Leeftijd :
20 jaar (01-03-1989)
Geboren :
in België, momenteel woonachtig in Nederland
Werkzaam bij :
Arnold J Mollema
Sidney, vertel eens wat over je jeugd,
waar ben je opgegroeid, etc.?
Ik ben opgegroeid in België bij mijn ouders. In een gezin van vijf
kinderen ben ik de jongste, ik heb drie broers en één zus. Mijn broer had
al vroeg wat met paarden en die was daardoor ook elke dag te vinden op de
stal van eigenaartrainer Gustaaf Warrens (helaas overleden als
gevolg van een ziekte) in ons dorp De Klinge. Hij had destijds meer dan 40
koerspaarden staan en als klein jochie hielp ik daar af en toe ook wel
eens mee. Op dat moment nog niet erg vaak, aangezien ik ook nog veel
voetbalwedstrijden speelde en me fanatiek met zwemmen bezighield. Naarmate
ik ouder werd ben ik gestopt met zwemmen, op dat punt had ik bijna al mijn
diploma’s gehaald, met voetbal stopte ik uiteindelijk na zeven jaar. In de
loop der jaren hadden de paarden toch al stiekem wel mijn voorkeur
gekregen, mede door mijn broer. Mijn broer reed met alle rassen, van de
kleinste tot de grootste paarden voor de sulky en ook onder het zadel.
Toen ik de leeftijd van 15 jaar bereikte ging ik naar de beroepsschool
Syntra Sint-Niklaas. Dit omdat ik graag met mijn handen werk en niet graag
met mijn neus in de boeken zat. Hier heb ik een jaar de opleiding vloer-
en tegelwerken gevolgd. Één van de eigenaartrainers waar ik vervolgens mee
in aanraking kwam was Johan de Munck die destijds Hermes de
Fontaine en Beau du Vallais had. Eerstgenoemde was het paard
waar ik voor het eerst alleen mee mocht rijden en laatstgenoemde is zoals
bekend de winnaar van de 4.5 kilometer van Alkmaar. Via Johan de Munck
belandde ik uiteindelijk in Nederland toen ik met hem een keer fokmerries
naar Sjef Verhees in Chaam (Brabant) bracht.
En toen?
We waren dus in Chaam bij de Heikant Stable en zaten aan de koffie met
Sjef en Hilda Verhees, erg gezellige mensen. Er was toen toevallig koers
op Wolvega en daar zijn we dus heengegaan. Ik weet nog dat Troy
Boshoeve de eerste draverschimmel was die ik zag en tevens een koers
won met Ruud Pools. Van hem had ik overigens nog nooit had gehoord,
ik was namelijk nog nooit in Nederland op de koers geweest, dus ik wist
nog erg weinig over de drafsport hier en welke personen daarin een
voorname rol speelden. Dit veranderde snel toen ik van Sjef enkele boekjes
Draf- & Rensport’s, wat fokkerijnummers en tevens de jaarboeken van 2001
t/m 2004 kreeg. Hier ben ik vele uren zoet mee geweest. In één van deze
boeken las ik toen voor het eerst over Deurne, waar dat was en wat dat
inhield. Ik had er tot dat punt dus nog nooit van gehoord en Hilda vroeg
toen aan mij of ik een soortgelijke opleiding volgde in België. Echter
helaas hebben ze in België niet een school waar je een dergelijke
opleiding kunt volgen. Mijn interesse was gewekt, ik heb direct wat
informatie opgevraagd en tevens het nummer gekregen van Martin Eeken,
de drijvende kracht achter Deurne. Het leek mij geweldig, maar mijn ouders
stonden helaas nog niet te springen. Zij wilden niet dat ik al zo vroeg
uit huis ging. Gelukkig heb ik ze uiteindelijk kunnen overhalen, ik weet
nog dat mijn vader zei: “Als jij denkt dat je daar gelukkiger van wordt,
moet je dat gewoon doen”, (met in het achterhoofd de gedachte dat ik wel
heimwee zou gaan krijgen naar België en naar huis). Ik heb vervolgens
Martin Eeken gebeld met de vraag of hij die zaterdag ook op Wolvega zou
zijn, aangezien ik er ook was samen met meneer de Munck, die destijds
overigens ook paarden bij Paul Hagoort had staan (Nimo du Niel
en Oscar du Niel). Nimo du Niel liep in de 2e koers tegen de
favoriet Udice Boko met Peter Strooper en die koers won hij.
Vervolgens sprak ik met Martin Eecken aangaande Deurne. Een afspraak om
naar de intake-dag te gaan was toen snel gemaakt!
Vanwaar je passie voor dravers?
Zoals gezegd belandde ik dus via mijn broer bij eigenaartrainer Gustaaf
Warrens. De eerste keer dat ik harddravers zag koersen vond ik het al
helemaal fantastisch. Die snelheid en spanning op de finish af. Als één
van onze paarden nog kans maakte op de overwinning ging dat gepaard met
veel gejuich en geschreeuw van mijn kant. Wat betreft de draver als ras;
het zijn prachtige, edele dieren en zeer fijn in de omgang. Daarnaast vind
ik hun loop schitterend.
Bij wie heb je allemaal gewerkt en wat
heb je specifiek van hen opgestoken?
In Nederland ben ik begonnen bij Paul Hagoort. Van Paul heb ik dus
ten eerste de “echte’ basisbeginselen geleerd van de professionele
drafsport, daarnaast heeft hij mij verder wegwijs gemaakt in de sport en
het wereldje. Toen ik net bij hem kwam werken was het bijvoorbeeld best
lastig qua benamingen van alle spullen. In België hadden veel dingen
namelijk hele andere namen. Bij Paul heb ik ook voor het eerst snel
gereden alsmede mijn eerste koers gereden. Dit was met Verona D en
hiermee behaalde ik direct een 3e plek. Na 1½ jaar ben ik van Paul Hagoort
naar Marcel Hauber gegaan. Daar zochten ze toen mensen en aangezien
het een grotere stal was had ik daar wel oren naar. Bij Marcel heb ik het
zelfstandig trainen en verzorgen geleerd, iedereen had daar “eigen
paarden” om te trainen en te verzorgen. Naast het trainen thuis mocht ik
ook veel koersen rijden. Mijn eerste winnaar voor Marcel was Winta Boko.
Wat betreft het rijden heb ik heel veel van Robin Bakker geleerd en
overgenomen, ik heb hem veel gevraagd en hij was altijd bereid mij te
helpen.
Vertel eens over je eerste
overwinning, hoe kwam die tot stand?
Mijn eerste overwinning was met Sanda Pluto W In een serie van het
leerlingenkampioenschap. Ik mocht dit paard rijden van Cees Kamminga
en de koers verliep eigenlijk volledig naar wens. Als grote outsider aan
25 euro tegen 1 won ik van kop af met 7 lengtes voor het veld.
Wat vindt je je mooiste overwinning?
Mijn mooiste overwinning was in de Bronzen Stakes met Vesper
Scimitar. Een koers met een mooi affiche en een sterk deelnemersveld.
Met Vesper had ik daarvoor al twee keer gewonnen op Wolvega, maar op
Duindigt had ik hem nog nooit gereden. Marcel Hauber had drie paarden in
die Stakes; Woody Boko met Robin Bakker, Lilly's Way
met Ruud Pools en dus Vesper Scimitar met mijzelf. Bij de start
waren wij drieën het snelste weg. Robin nam de leiding, daarachter nam ik
plaats en op mijn rug Ruud Pools die helaas de bocht uitkomend weg sprong
en werd uitgeschakeld. Vervolgens kwam Hugo Langeweg naar voren met
Voltreffer die ook de leiding overnam. Zo bleef het veld
onveranderd tot aan de laatste bocht waar Stefan Schoonhoven met
Warrior Boko naast mij opdook. Ik kon op dat punt dus nog niet naar
buiten om de aanval te kiezen. Echter in de laatste rechte lijn sprong
Warrior Boko weg, waardoor ik Vesper van Woody Boko zijn rug af kon halen.
Toen was het eigenlijk al gespeeld, ik won de koers zonder hem één keer
aan te hoeven sporen. Tweede werd Update Groenhof met Jeroen
Engwerda die erg hard afkwam.
Was je 30e overwinning (leerling-af)
met Yesse Owens speciaal?
Wel een beetje natuurlijk.Yesse Owens werkte goed thuis op de
zandbaan van Wolvega, alleen de bandenstart en het gras waren nieuw voor
hem. Gelukkig was Yesse goed te regelen bij de start en onderweg kon ik al
vroeg de leiding overnemen. Dit duurde tot aan de overkant van de laatste
ronde, hier maakte hij een foutje door de slechte conditie van de baan.
Door dat foutje kon Ronald De Beer bij mij binnendoor. Gelukkig was
Yesse direct weer gezet en die liep ook eenvoudig weer naar de rug van
Ronald. Vervolgens heb ik gewacht tot ik recht was, omdat de bocht een
beetje krap was. De laatste rechte lijn maakte Yesse nog twee mispassen
waar hij nog een lengte verloor, eenmaal weer in zijn loop zette hij goed
door tot de finish waar hij uiteindelijk nog met een lengte won. Laatste
rechte lijn kon ik niet te veel aan hem rijden, omdat hij anders weer een
fout zou kunnen maken. Op karakter maakte hij het super af.
Hoe voelt dat nu, de overstap van
leerling naar pikeur?
Aan de ene kant ben ik enorm opgelucht en aan de andere kant vind ik het
ook nog wel een beetje jammer. Ik was blij dat ik pikeur werd omdat het
natuurlijk een mijlpaal is in mijn carièrre, ik kon me eindelijk onder de
beroeps scharen. De mindere kant is dat ik dit jaar goed begonnen was bij
de leerlingen en al 10 overwinningen had behaald voor het kampioenschap.
Een goede basis voor de rest van het jaar, echter omdat ik nu mijn 30e
overwinning had behaald tellen de overwinningen als pikeur niet meer mee.
Pluspunt is dat ik nu als pikeur ook geen lage startnummers meer krijg,
waardoor ik nu ook weer veel leer van het starten met hogere nummers.
Wat was/is je favoriete paard en
waarom?
Dit is ongetwijfeld Safran d'Aveze, een 3-jarige Franse draver van
Granton Stables N.V.. Dit paard heb ik samen met Robin Bakker
beleerd bij Marcel Hauber en staat nu bij mijn huidige werkgever Arnold
Mollema. Safran heeft een goed karakter met daarnaast ook zijn streken
(hoort er gewoon bij). Voor de kar is het een geweldig paard die zich
lekker ontspant met zowel uitrijden als snelrijden. Wanneer we aan het
stappen zijn laat ik hem gras eten voor de kar net zoals Roelof
Krompkamp waar ik momenteel ook mee samenwerk destijds deed met
IJzeren Hein, schitterend om te zien.
Wie is/zijn je voorbeeld(en) en
waarom?
Mijn voorbeelden zijn als rijder Robin Bakker en Hugo Langeweg
Jr., omdat ze bijna altijd een koers goed kunnen indelen en tevens
veel winnen. Als trainer is mijn voorbeeld Arnold Mollema, waar ik
dus nu bij aan het werk ben. Van Arnold leer ik heel veel over de paarden
en de sport in zijn geheel, maar ook wat betreft de PR op stal en op de
koers en het contact met de eigenaren. Zij zijn tenslotte de drijvende
krachten achter de sport. Een andere trainer waar ik tegenop kijk is
Hugo Langeweg, hij heeft ook een topstal en draait mee op het hoogste
niveau. In het buitenland vind ik Lutfi Kolgjini een goede trainer,
hij heeft een gigantisch complex waar hij de paarden op mogelijk denkbare
manieren kan trainen. Daarnaast staat hij staat elk jaar weer bovenaan in
de trainer-rankings.
Wat zijn je toekomstplannen op de
korte termijn?
Op korte termijn wil ik nog bij Arnold blijven werken, omdat hij mij nog
veel kan leren wat betreft zowel het trainen als het rijden.
En wat zijn je toekomstplannen op de
lange termijn?
Op lange termijn wil ik graag nog eens bij Hugo Langeweg werken,
omdat hij toch al jaren op nummer 1 staat in Nederland. Daarnaast wil ik
ook nog eens in het buitenland gaan werken, bij bijvoorbeeld toptrainers
uit Zweden, Frankrijk, Italië, of Amerika.
Hoe ziet jouw leven er over 20 jaar
uit, wat doe je dan?
Over 20 jaar hoop ik nog steeds in de drafsport werkzaam te zijn, op het
hoogste niveau en in het buitenland, aangezien daar toch het meeste
prijzengeld te verdienen is en je altijd het hoogst haalbare moet
ambiëren.
Wat geeft je het meeste voldoening;
het trainen of het rijden en waarom?
Eigenlijk geven beide veel voldoening. In de training kun je nog eens een
foutje maken, maar in de koers moet het voor de volle 100 procent goed
gaan om te kunnen winnen. Wat betreft het trainen vind ik het vooral mooi
om met jonge paarden te werken, omdat je die paarden letterlijk en
figuurlijk ziet “groeien”. Het rijden blijft natuurlijk ook super. Als je
netjes rijd, je goed ontwikkelt en af en toe een koers wint, blijft het
leuk en krijg je meer zelfvertrouwen. Daarbij komt nog dat des te vaker je
wint, des te beter je jezelf promoot richting (andere) eigenaren.
Wat voor hobby's heb je eigenlijk
buiten de drafsport?
Weinig eigenlijk, aangezien werken in de drafsport meer een leefwijze is
dan enkel een baan. Buiten de sport ga ik af en toe een keer lekker
stappen met vrienden of bijvoorbeeld naar de sauna om lekker te
ontspannen. Verder kijk ik natuurlijk erg veel naar alle koersen uit het
buitenland op de pc.
Wat voor muziek hou je van?
Mijn voorkeur gaat uit naar popmuziek, gewoon de muziek die ik dagelijks
op de radio hoor.
Welke sport naast de drafsport geniet
je voorkeur?
Andere sporten met paarden zoals springen en dressuur. Daarnaast geniet ik
eigenlijk van alle sporten op topniveau. Neem als voorbeeld de
Olympische Spelen, fantastisch om al die topatleten op het hoogste
niveau te zien presteren.
Tenslotte, heb je nog een tip voor
alle beginnende pikeurs:
Mijn instelling van begin af aan was; goed opletten en veel naar andere,
goede rijders kijken en luisteren. Verder in de koers gewoon uitvoeren wat
de trainer je vraagt, aangezien die het paard het beste kent en weet hoe
je het meeste uit je paard haalt. Tenslotte proberen je zenuwen te
onderdrukken, gezonde spanning is goed, maar wanneer de zenuwen gaan
overheersen ga je fouten maken!
Sidney, bedankt voor dit interview
en veel succes in de toekomst!
|